direct naar inhoud van 4.1 Stedenbouwkundig kader
Plan: Leeuwenveld III en IV
Status: voorontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0457.BP01HZ04SG-vo01

4.1 Stedenbouwkundig kader

Voor de ontwikkeling van het woongebied Leeuwenveld III en IV heeft de gemeenteraad op 10 mei 2012 een kader geamendeerd vastgesteld. Met het vaststellen van een (stedenbouwkundig) kader geeft de raad sturing aan de ontwikkeling van de locatie Leeuwenveld III en IV. Het kader vormt tevens de basis voor het bestemmingsplan.

  • 1. Parallel aan de Leeuwenveldseweg (zuidzijde van het plangebied) kan een mix aan eengezinshuizen en kleinschalige appartementen worden ontwikkeld in twee tot vier lagen, waarbij variatie in bouwhoogte en vormgeving het uitgangspunt is. Er mag geen gesloten wand ontstaan. Een maximale bloklengte van circa 25 m is acceptabel, een goede parcelering van de wand is uitgangspunt.
  • 2. In de noordwestelijke punt van het plangebied is ruimte voor een appartementengebouw in maximaal 5 lagen. Uitgangspunt daarbij is een appartementengebouw met een centrale ontsluiting (dus geen galerijflat).
  • 3. Aan de noordzijde van het plangebied is ruimte voor twee onder één kap, vrijstaande en (riante) geschakelde woningen in maximaal 3 lagen. De woningen moeten worden voorzien van een stevige kap. Blokjes van vier zouden hier ook een enkele keer toepasbaar zijn. Deze woningen zorgen voor de aansluiting met de Bloemendalerpolder.
  • 4. De woningen aan de oostzijde van het plangebied liggen langs de ontsluitingsweg van het gebied en de achtergelegen Bloemendalerpolder. Er moet voldoende ruimte zijn voor de aanleg van de weg gelet op het feit dat deze weg in de toekomst een belangrijke verkeersader in de Bloemendalerpolder zal zijn. De woningen moeten een 'voorname' uitstraling hebben en zijn uitgevoerd in maximaal 4 lagen. Variatie in vormgeving en maatvoering is uitgangspunt. Er mag geen aaneengesloten wand ontstaan van dezelfde woningen (de zogenaamde korrelgrootte dient bescheiden te zijn). Werken aan huis zou in deze laan mogelijk moeten zijn.
  • 5. De overige tussenliggende woningen zijn eengezinshuizen in maximaal 3 lagen. Zij dienen aan de voorzijde te grenzen aan een openbare ruimte. In die openbare ruimte moet voldoende speelgelegenheid zijn, moet gebruik gemaakt worden van kwalitatief goede materialen, is ruimte voor het bezoekersparkeren en is ruimte voor de overige openbare voorzieningen. Aan de achterzijde bevinden zich de tuinen, de bergingen en het bewonersparkeren.
  • 6. De hoeken van de verschillende bouwblokken verdienen extra aandacht. Blinde gevels op hoeken en het beeld van erfafscheidingen grenzend aan de openbare ruimte moet zoveel mogelijk voorkomen worden.
  • 7. Het aantal parkeerplaatsen moet voldoen aan de normen die zijn vastgelegd in de parkeernota. De parkeerplaatsen worden zoveel mogelijk op de binnenhoven gesitueerd (oplossing zoals in Leeuwenveld II).
  • 8. Het in Leeuwenveld III en IV te realiseren woonprogramma moet aansluiten op de recent vastgestelde woonvisie. Een mix van doelgroepen met een accent op gezinnen is derhalve uitgangspunt.
  • 9. In algemene dient de bebouwing gekenmerkt te worden door warme kleuren baksteen en stevige kappen. De kappen zijn gemaakt van keramische pannen. De architectuurtaal is neutraal, eigentijds en toegankelijk. De openbare ruimte sluit qua sfeer en materiaalgebruik goed aan bij Leeuwenveld II. Een duurzaam ontwerp van de openbare ruimte is randvoorwaarde.
  • 10. Er moet ten aanzien va het te creëren wateroppervlakte minimaal voldaan worden aan de eisen van het Hoogheemraadschap.