Weesp - gemeentelijke monumenten                      
 
G 1710-02 KORTE STAMMERDIJK 6  
   
Huidige bestemming Woonhuis  
Oorspr. bestemming Koetshuis van dokterswoning  
Ontwerp   -  
Opdrachtgever fa. C.J. van Houten en Zn (?). In 1913 verbouwd van koetshuis  
  tot herenhuis i.o.v. D.J. van Houten  
Datering   1891, 1913  
Bouwstijl   -  
Object   Blokvormig huis van twee bouwlagen  
Categorie 6G  
   
Beschrijving:  
In 1891 gebouwd als koetshuis voor de arts Kortenhorst, werkzaam bij de firma C.J. van Houten. In 1913 verbouwd tot herenhuis. Het object heeft een nagenoeg vierkant grondplan. Het westelijke deel is gedekt met een zadeldak, de topgevels vóór en achter zijn risalietvormig uitgebouwd. Het overige deel heeft een omgaand schilddak met plat. De kappen zijn gedekt met gesmoorde kruispannen en voorzien van kleine dakkapellen met fronton. Tegen het rechterdeel van de voorgevel is een serre uitgebouwd. De voordeur bevindt zich in de westgevel. Opmerkelijk is de gelijkenis in vorm en detail met het pand Nieuwstraat 44-48. Een kenmerk van deze architectuur is de kennelijke invloed van de neo-renaissance. De gevels zijn uitgevoerd in grauwrode machinale baksteen; kruisverband met knipvoeg. Ze zijn versierd met hoekblokken, speklagen en boogblokken in pleisterwerk.  
De goot- en topgevelfriezen zijn gedecoreerd met gele baksteen, de laatste uitgevoerd in de vorm van een klimmend keperboogfries. De balklagen zijn bevestigd met rozetankers. De vorm daarvan is zeer bijzonder; ze bevatten een ingegoten esculaapteken. De topgevels zijn belegd met gepleisterde banden en bekroond met smeedijzeren ornamenten. De zuidelijke top is bovendien voorzien van een windvaan. De gevels zijn bezet met T-vensters waarboven zich segmentbogen en trommels bevinden. In de zij- en achtergevel(s) zijn de meeste vensters later ingehakt, of in reeds aanwezige, grotere nissen geplaatst. Ongetwijfeld is deze situatie ontstaan door de verbouwing van 1913. Op de plaats waar vermoedelijk ijzeren stalramen hebben gezeten zijn sindsdien blindnissen aanwezig die eveneens met een segmentboog bekroond zijn. De serre is in 1913 in de plaats gekomen van de voormalige inrijdeuren van het koetshuis. Rondom de tuin een smeedijzeren spijlenhek en aan de oostzijde een tuinmuur. In de geveltop is een rozet met esculaapteken, geflankeerd door twee lauwerkransen aangebracht.  
   
Storende elementen:  
   
Tochtportaal vóór de hoofdingang.  
   
Motivatie plaatsing gemeentelijke monumentenlijst:  
   
Pand van grote architectonische waarde. Zeer gaaf bewaard, zowel in hoofdvormen als in details, welke zeer bijzonder zijn. De stedenbouwkundige waarde is groot vanwege de markante ligging.
   
Datum beschrijving: 26-01-1995